Tussen 2014 en 2024 is het aantal fietsdoden in Europa met 8 procent afgenomen. Dit is onvoldoende om de doelstellingen voor 2030 te behalen.
Volgens een rapport van de European Transport Safety Council (ETSC) is het aantal fietsdoden in Europa tussen 2014 en 2024 met slechts 8 procent gedaald. Dit komt neer op een jaarlijkse afname van 0,5 procent. Deze daling is aanzienlijk trager dan de afname onder gemotoriseerde weggebruikers.
Ambitieuze doelen voor 2030
De Europese Unie heeft als doel het aantal fietsdoden tegen 2030 te halveren. Dit vereist een jaarlijkse daling van 6,5 procent, wat dertien keer sneller is dan de huidige daling.
In 2024 kwamen in totaal 1.926 fietsers om in het Europese verkeer, wat 10 procent van alle verkeersdoden vertegenwoordigt. Daarnaast steeg het aantal geregistreerde zwaargewonde fietsers met 12 procent. Dit aantal kan lager zijn dan de werkelijkheid, aangezien minder dan 10 procent van de gewonde fietsers in sommige landen in de politiestatistieken wordt geregistreerd.
Oorzaken en oplossingen
Bijna twee derde van de fietsdoden is het gevolg van aanrijdingen met motorvoertuigen. Aanrijdingen met personenwagens zijn verantwoordelijk voor 44 procent van de fietsdoden, zware vrachtwagens voor 9 procent en bestelwagens voor 7 procent. Meer dan een kwart van de dodelijke ongevallen betreft eenzijdige ongevallen, zoals valpartijen of botsingen tegen stoepranden.
De ETSC pleit voor snelheidsverlagingen tot 30 km/u op locaties zonder fysieke scheiding tussen gemotoriseerd verkeer en fietsers. Op wegen met hogere maximumsnelheden wordt aanbevolen om afgeschermde fietsstroken en vrijliggende fietspaden aan te leggen. Deze fietspaden dienen breed, effen en vrij van obstakels te zijn om valpartijen te minimaliseren.