Meer dan negentig procent van de Brusselse scholen schrijft zich in voor een nieuw taaltraject om personeelsleden op te leiden tot taalexpert. Het initiatief moet taalachterstand bij leerlingen aanpakken, en de boodschap is duidelijk: alleen focussen op Nederlands volstaat niet.
Brussel kampt al jaren met taalachterstand in het onderwijs. Veel leerlingen groeien op in een meertalige omgeving waarbij het Nederlands of Frans niet de sterkste thuistaal is, wat zijn sporen nalaat op hoe ze lessen kunnen volgen en verwerken. Een nieuw initiatief wil dat aanpakken — niet van buitenaf, maar van binnenuit.
Scholen leiden eigen personeel op
De aanpak is concreet: scholen laten hun eigen medewerkers opleiden tot taalexpert. Op die manier wordt kennis en expertise structureel verankerd in het schoolteam zelf, in plaats van telkens beroep te doen op externe begeleiding. De respons is opvallend groot. Meer dan negen op de tien Brusselse scholen schrijft zich in voor het traject, een duidelijk signaal dat de nood breed gevoeld wordt.
Wie het taaltraject opvat als een eenzijdig pleidooi voor meer Nederlands, vergist zich. Zoals een betrokkene aangeeft: "Nederlands is belangrijk als schooltaal, maar enkel daarop focussen, is onvoldoende." Taalachterstand aanpakken vraagt om een genuanceerde benadering die rekening houdt met de meertalige realiteit van Brusselse klaslokalen.
Taalachterstand vraagt meer dan één antwoord
Brussel is één van de meest meertalige steden van Europa. Die diversiteit is een rijkdom, maar stelt het onderwijs ook voor specifieke uitdagingen. Leerlingen die thuis een andere taal spreken, hebben soms moeite om volledig te volgen in een Nederlandstalige of Franstalige schoolomgeving.
Door taalexpertise in te bedden bij het eigen personeel wil men een duurzamere oplossing bouwen. De scholen die instappen, investeren zo in een aanpak die niet verdwijnt zodra een extern project afloopt.
Kanal verliest zijn directeur kort voor opening
In ander Brussels nieuws: museumdirecteur Yves Goldstein verlaat Kanal, het nieuwe museum dat zijn intrek neemt in de voormalige Citroëngarage in Brussel. Dat slechts een half jaar voor de geplande opening. Zijn vertrek komt op een gevoelig moment, net in de aanloopfase naar een van de meest verwachte museumopeningen van de stad.