Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Verlinden wast handen in onschuld over De Crem-doofpot

Redactie - 29-05-2025

"Wie denkt dat ik discriminatie zou vergoelijken, kent mij niet."

CD&V-minister van Justitie Annelies Verlinden – destijds baas van Binnenlandse Zaken – heeft het aan de stok met de Kamer, de media en haar eigen geloofwaardigheid. Na onthullingen over een discriminerend inschrijvingsbeleid in Aalter - waar partijgenoot Pieter De Crem (CD&V) sinds de dieren niet meer spreken de plak zwaait - probeert Verlinden zich met hand en tand uit de politieke shit te trekken. Maar hoe harder ze beweert van niets te weten, hoe luider het geroep van een zwijgcultuur binnen haar kabinet weerklinkt.

Een jaar stilzwijgen, en dan plots géén doofpot?

De feiten: in Aalter kregen buitenlanders jarenlang systematisch een stevige bureaucratische molen over zich heen alvorens ze zich konden inschrijven op een adres. Belgische burgers gingen fluitend voorbij, maar wie een buitenlands paspoort had, mocht negen keer langer wachten. Onder het mom van “woonstcontroles” – een administratief voorwendsel met xenofobe trekjes – werd een systeem opgetuigd dat door experten inmiddels als onwettig wordt bestempeld.

In maart bracht een Pano-reportage het schandaal aan het licht. Sindsdien probeert minister Verlinden haar blazoen blinkend te houden door te stellen dat ze van niets wist. Maar dat verhaal rammeltlangs alle kanten.

Want wat blijkt? Het kabinet-Verlinden werd meermaals ingelicht over de praktijken. Minstens een jaar geleden al. Een ambtelijke brief, opgesteld ter ondertekening door Verlinden zelf, werd nooit verzonden. Niet omdat de printer stuk was, maar omdat de brief, volgens Verlinden, "toch niet voor haar was bedoeld". Ja, echt waar.

“Ik heb niks gedaan” – en dat is dan ook meteen het probleem

In de Kamer klinkt verontwaardiging van links tot liberaal. Paul Van Tigchelt (Open VLD), in een vorig leven nog justitieminister naast Verlinden in de Vivaldi-coalitie, kon zijn sarcasme amper verbergen: “Uw woorden zijn van een ondraaglijke lichtheid voor iedereen die het openbaar ambt ernstig neemt. U had het moeten weten.”

Verlinden pareert: “Ik was niet op de hoogte. Mijn administratie handelde autonoom. En de ernst van de feiten was mij niet bekend.” In een adem ontkent ze ook dat er sprake was van een doofpotoperatie, iets wat onder meer Groen-Kamerlid Matti Vandemaele haar met toenemende stemvolume inwreef. "Wie denkt dat ik discriminatie zou toedekken om een partijgenoot uit de wind te zetten, kent mij niet", zucht Verlinden verontwaardigd. Een uitspraak die je op een tegeltje zou kunnen zetten. 

Ministeriële geheugenstoornis of structureel schouderophalen?

Het pijnpunt? De directeur-generaal ad interim van de Dienst Identiteit en Burgerzaken, Philippe Moreau, zegt letterlijk dat de brief “ter ondertekening van de minister” werd klaargezet. Verlinden beweert echter dat het "nooit de bedoeling was" dat zij die zou tekenen. De brief gebruikte een sjabloon van Binnenlandse Zaken en bevatte, volgens haar, “geen termen als discriminatie of schending van het gelijkheidsbeginsel”. Blijkbaar moest het woord “racisme” expliciet in kapitalen in de aanhef staan vooraleer men bij het kabinet-Verlinden een wenkbrauw optrok.

Dat administratieve semantiek belangrijker wordt gevonden dan mensenrechten, zegt veel over hoe politieke verantwoordelijkheid tegenwoordig wordt gedefinieerd in het CD&V-handboek: als er geen handtekening staat, is er geen probleem. Als er geen perslawaai is, is er geen crisis. En als er wél heisa komt, dan gaan we plots in de tegenaanval: “Ik word persoonlijk geraakt tot in het diepst van mijn mensbeeld,” aldus Verlinden. Het zou zomaar eens kunnen dat er een grote carrière als actrice in Verlinden is verloren geggaan.

Kamer boos, maar geen ontslag – voorlopig

De oppositie schreeuwt moord en brand, maar vraagt voorlopig geen ontslag. Er komt wel een motie van Open VLD om volledige klaarheid te krijgen over wat het kabinet wist, wanneer, en waarom niemand op het idee kwam om op z’n minst een waarschuwingsmail naar Aalter te sturen. Barbara Pas (Vlaams Belang) herinnert de minister fijntjes aan het ABC van politiek: “Zelfs als u niets wist, blijft u verantwoordelijk voor uw kabinet.”

Zelfs dat lijkt Verlinden niet aan te trekken. Ze verwijst als een volleerde tjeef naar haar overlegmomenten met de voorzitter van de FOD Binnenlandse Zaken. “Die heeft me nooit aangesproken over dit dossier, dus zo belangrijk kon het niet zijn,” luidt haar redenering. Of: geen nieuws is goed nieuws, tot een reporter het op tv brengt.

Analyse: Doofpot of dommigheid? Of allebei?

Er zijn twee mogelijke verklaringen: ofwel was er inderdaad sprake van een systematische doofpotoperatie, waarbij Verlinden bewust haar ogen sloot voor raciale profilering binnen het beleid van een partijgenoot. Ofwel wist ze werkelijk van niets, en is de communicatie op haar kabinet zó gebrekkig dat zelfs een bomvan een dossier als dit ongezien door de plinten kon rollen.

In beide gevallen staat het leiderschap van Verlinden op losse schroeven. Want of je nu medeplichtig bent of gewoon passief, in een functionerende democratie zijn dat allebei redenen tot politieke verantwoordelijkheid. Verlinden vindt zelf van niet. In haar ogen is alles correct verlopen. Ze zegt zelfs dat “gerechtigheid vooropstaat”.

Misschien moet ze diezelfde gerechtigheid dan ook toelaten om haar eigen rol in dit dossier onverbloemd te onderzoeken. Want voorlopig oogt haar verdedigingslinie vooral als een combinatie van selectief geheugenverlies, ambtelijke mistgordijnen, en emotionele zelfrechtvaardiging.

(Foto: screenshot ‘De Kamer Live’)

Nieuws nationaal Annelies verlinden Pieter de crem

Reacties

Resterende karakters 500

Lees meer

Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken