Meer dan driehonderd ontwerpers, kunstenaars, bedrijven en studenten nemen tot 8 november het centrum van Kortrijk over. Tijdens WONDER Festival veranderen leegstaande gebouwen, winkels, historische panden en de Budafabriek in een ontdekkingsparcours langs design, kunst en technologie. Van levende tafels tot artificiële intelligentie en gerecycleerd textiel: in Kortrijk blijkt design heel wat meer te zijn dan een peperdure stoel.
Wie bij design nog altijd denkt aan een fraai gevormde stoel, een lamp waarvoor je een kleine lening moet afsluiten of een interieur dat vooral op Instagram indruk maakt, kan in Kortrijk zijn blik wat verruimen. Tijdens WONDER Festival verandert de stad tot en met zondag 8 november in één grote werkplaats waar ontwerpers, kunstenaars, architecten, technologen en studenten hun ideeën tonen. Niet alleen in tentoonstellingszalen, maar ook in leegstaande gebouwen, winkels, historische panden en op onverwachte plekken in het stadscentrum.
Het festival brengt meer dan driehonderd makers en organisaties samen op ruim twintig locaties, met meer dan vijftig tentoonstellingen en installaties. De Budafabriek vormt het centrale vertrekpunt, maar wie zich tot dat ene gebouw beperkt, mist een flink deel van het programma.
Kortrijk is daarvoor overigens geen toevallige locatie. De stad draagt de titel UNESCO City of Design en heeft een lange geschiedenis in textiel, vlas en maakindustrie. Die traditie vormt vandaag de basis voor nieuwe ideeën over materialen, technologie en de manier waarop we in de toekomst willen wonen en werken.
Een levende tafel en een tuin die niet stilzit
In de Budafabriek valt onder meer ‘Binnenbos — Buitenkamer’ op, een project van drie architecten dat tafelen en natuur met elkaar verbindt. De installatie is opgevat als een levende tafel waarin planten groeien en bezoekers letterlijk tussen het groen kunnen eten. Onder de noemer ‘Dine With Us’ draait het om iets wat we in tijden van smartphones en afhaalmaaltijden weleens vergeten: samen aan tafel zitten.
Ook de Nederlandse ontwerper Adrianus Kundert zoekt het speelse op. Met ‘Weaving Rocks’ en een opvallende, bijna hypnotiserende fontein onderzoekt hij hoe vorm, beweging en materiaal de verbeelding kunnen prikkelen. Kunstenaar Lindert Steegen pakt dan weer uit met monumentale, kleurrijke opblaassculpturen in een surrealistische tuin bij het museum Texture.
Design hoeft hier dus niet altijd een praktisch probleem op te lossen. Soms mag het ook gewoon verbazen, een glimlach uitlokken of bezoekers even doen twijfelen aan wat ze precies voor zich zien.
Artificiële intelligentie krijgt een menselijke maat
Ook technologie krijgt een prominente plaats op WONDER. Onder de noemer ‘Digital Power’ onderzoekt het festival hoe digitale toepassingen onze leefwereld veranderen. De installatie ‘AI has a future, if it’s human’ in de Budafabriek plaatst daarbij de mens opnieuw centraal.
Dat is geen overbodige discussie. Artificiële intelligentie wordt tegenwoordig zowat overal voorgesteld als de oplossing voor alles, van administratieve rompslomp tot creatieve problemen. Maar wat betekent die technologie voor ons werk, onze privacy en onze eigen verbeelding? Het festival probeert die vragen vanuit een artistieke invalshoek te benaderen.
Op de voormalige ziekenhuiscampus aan de Reepkaai sluit het programma van Flanders Technology & Innovation daarbij aan. Bezoekers kunnen er experimenteren met AI, robots, gaming en toepassingen rond gezondheid en onderwijs. Technologie staat er dus niet alleen achter glas, maar mag ook uitgeprobeerd worden.
Van afval naar grondstof
Duurzaamheid is een ander belangrijk thema. In ‘Echoes of the Earth’ staan biogebaseerde materialen, recyclage en nieuwe productiemethoden centraal. Dat klinkt misschien als de inhoudsopgave van een milieurrapport, maar de ontwerpers maken die begrippen gelukkig een stuk tastbaarder.
De LarbitsSisters tonen met ‘Symbiotic Manufacture’ een installatie rond levende bloempotten, waarbij licht, vocht, luchtcirculatie en verzorging deel uitmaken van het werk. Het ontwerp verandert dus mee met zijn omgeving, in plaats van na de productie voorgoed hetzelfde te blijven.
Ook ‘Second Matter’ van Maximiliaan Schevenhels, ontwikkeld voor Quick-Step, toont hoe materiaalstromen en recyclage een rol kunnen spelen in nieuwe industriële toepassingen. Dat is bijzonder relevant in een regio waar textiel, hout en meubelindustrie nog altijd belangrijk zijn.
Het festival laat zo zien dat duurzaam ontwerpen meer kan betekenen dan ergens een groen etiket op kleven. De interessantste projecten tonen niet alleen het eindresultaat, maar ook hoe materialen een tweede leven kunnen krijgen.
Textiel als toekomst, niet alleen als verleden
Kortrijk zou Kortrijk niet zijn zonder textiel. In ‘Touch Textile’ wordt de rijke regionale traditie gekoppeld aan hedendaags materiaalonderzoek en nieuwe toepassingen.
Een opvallend project is ‘Ascendant’ van Charbel Abou Zeidan, waarvoor achttien grote vlaggen tot stand kwamen dankzij een samenwerking tussen verschillende bedrijven uit de textiel- en interieursector.
Ook jong talent krijgt een prominente plaats. In ‘We Are the Next Generation’, een project van Designregio Kortrijk en 22222, tonen jonge ontwerpers hoe zij omgaan met materialen, technologie en maatschappelijke veranderingen. Wie wil ontdekken welke namen de Belgische designwereld de komende jaren mogelijk zullen kleuren, kan hier alvast een kijkje nemen.
Een hele stad als tentoonstellingsruimte
Een van de aantrekkelijkste aspecten van WONDER is dat het festival zich niet tot één gebouw beperkt. De Budafabriek, de Broeltorens, de voormalige ziekenhuiscampus, historische panden en winkels vormen samen een parcours door het centrum.
In de Paardenstallen is er ruimte voor hedendaagse beeldende kunst, terwijl in de neobarokke kloosterkerk van de Zusters Augustinessen jong designtalent exposeert. In het leegstaande herenhuis Overkop worden installaties getoond rond ‘Unfolding Design’ en ‘Digital Power’. ‘Dine With Us’ neemt dan weer een achttiende-eeuwse patriciërswoning in.
Dat maakt het festival ook toegankelijk voor wie zichzelf niet meteen een designkenner noemt. Je hoeft geen ingewikkelde kunsttheorie te beheersen om binnen te stappen, rond te kijken en iets mooi, vreemd of ronduit onbegrijpelijk te vinden. Soms is verwondering nu eenmaal interessanter dan begrijpen.
De toekomst is geen afgewerkt product
WONDER Festival toont dat design veel verder gaat dan mooie meubels of hippe interieurs. Het gaat ook over hoe we produceren, consumeren, wonen en met technologie omgaan.
Natuurlijk is er ook een commerciële kant. Wanneer kunstenaars, studenten en ontwerpers samenwerken met bedrijven, ligt de grens tussen artistiek experiment en productontwikkeling soms behoorlijk dicht bij elkaar. Maar net die combinatie maakt het festival interessant: ideeën die vandaag nog vreemd of onpraktisch lijken, kunnen morgen misschien al deel uitmaken van ons dagelijks leven.
En wie gewoon eens iets anders wil zien dan de zoveelste tentoonstelling met schilderijen aan een witte muur, kan in Kortrijk eveneens zijn hart ophalen. Van levende tafels tot opblaassculpturen en robots: aan variatie alvast geen gebrek.
WONDER Festival loopt nog tot en met zondag 8 november 2026 in Kortrijk. De Budafabriek aan Dam 2a is het centrale vertrekpunt. Het festival is gratis toegankelijk, met de mogelijkheid om vrijwillig bij te dragen. De locaties liggen op wandelafstand van elkaar en zijn doorgaans geopend van 10 tot 18 uur.
(Foto: Facebook)