In het Red Star Line Museum krijg je straks een gedicht te lezen met een titel die meteen blijft haken: 'Mijn moeder gaf mij alles, behalve mijn moedertaal'. Het is van Esohe Weyden, sinds januari 2025 stadsdichter van Antwerpen, en het zegt veel over de vrouw die het schreef. Ze groeide tweetalig op, leerde Engels van haar Nigeriaanse moeder en Nederlands van haar Belgische vader, en noemt toch het Nederlands haar moedertaal. "Ook al is de taal van mijn moeder Engels, toch is mijn 'moedertaal' Nederlands", zei ze dit voorjaar aan het universiteitsblad Jubel. In januari loopt haar mandaat af, in een stad die haar dichters nog niet zo lang geleden de deur wees.
Juriste en dichteres
Weyden werd in 1999 in Wilrijk geboren en groeide op in Deurne. Ze begon op haar zestiende te schrijven en op te treden, en haar wortels liggen in de gesproken poëzie. Haar debuut 'Tussentaal' werd in 2022 genomineerd voor de C. Buddingh'-prijs voor het beste Nederlandstalige poëziedebuut en won de publieksprijs van de Fintro Literatuurprijs. Daarna volgden een kinderboek en in 2025 de bundel 'Richtingloos navigeren'. Ze trad op tijdens Tomorrowland, Crossing Border en het defilé van de nationale feestdag.
Daarnaast is ze juriste. Aan de Universiteit Antwerpen doet ze een doctoraat over het erfrecht en geeft ze les in academisch en juridisch Nederlands. Ze ziet een verwantschap tussen beide werelden: "Elk woord moet kloppen", zegt ze, en het juridische begrip 'billijkheid' noemt ze "ook een poëtisch woord". Ze verdeelt haar werkdagen tussen wetenschap en poëzie.
Een gedicht dat de stad niet wilde
Haar aanstelling had een lange en pijnlijke aanloop. In de zomer van 2022 weigerde het Antwerpse stadsbestuur het gedicht 'Losgeld' van toenmalig stadsdichter Ruth Lasters, dat ze samen met leerlingen van de Spectrumschool in Deurne schreef. Het gedicht protesteerde tegen de manier waarop het Vlaamse onderwijs neerkijkt op leerlingen uit het beroeps- en technisch onderwijs en vroeg meer respect voor vakmensen. Schepen van Cultuur Nabilla Ait Daoud (N-VA) vond dat het gedicht "niet genoeg verbindt" en noemde het verwijt van censuur "nonsens". Lasters zag het anders: "Ik zie het als een weigering om te luisteren naar de leerlingen die vertegenwoordigd zijn in het gedicht." Ze stapte op met de woorden: "Ik ben geen promoschrijver."
Twee maanden later volgden de andere stadsdichters, Yannick Dangre, Lotte Dodion, Lies Van Gasse en het duo Proza-K, na besparingen op cultuursubsidies en een gedicht dat op het laatste moment niet op een elektriciteitskast mocht. Antwerpen had vervolgens jarenlang geen officiële stadsdichter meer. Toen Weyden in december 2024 werd voorgesteld, kwam de keuze niet meer rechtstreeks van de stad, maar van een jury van culturele organisaties, onder meer De Roma, Rataplan en Behoud de Begeerte. "Het was een enorm enge beslissing", zei Weyden zelf over haar ja.
Dichter voor de stad, of dichter van de stad?
De geschiedenis heeft een wrange pointe. Ruth Lasters, de dichteres die Antwerpen niet wilde horen, werd in april van dit jaar Dichter des Vaderlands. Ze aanvaardde die rol naar eigen zeggen alleen omdat ze "volledige carte blanche" kreeg, en maakte de vrijheid van meningsuiting tot haar thema: "Vrijheid van meningsuiting moet je trainen als een spier."
Dat plaatst haar opvolgster in Antwerpen in een bijzondere positie. Een stadsdichter die door cultuurhuizen wordt aangesteld, staat onafhankelijker tegenover het stadsbestuur, maar wordt ook minder vanzelfsprekend door de stad zelf gedragen. Weyden koos een eigen weg: ze schreef voor de Borgerhoutse Reuzenstoet, voor Boektopia en nu voor een tentoonstelling over migratie en taal. Het zijn gedichten die verbinden, precies het woord dat Ait Daoud destijds gebruikte om Lasters af te wijzen. Wie daarin een gebrek aan durf ziet, mist dat het gedicht in het Red Star Line Museum precies over grenzen gaat die in een stad als Antwerpen gevoelig kunnen liggen: wie de taal bezit en wie ze moet leren.
Na haar komt er een nieuwe stadsdichter. Of die net zo vrij kan schrijven, hangt niet langer af van één schepen, maar ook van de manier waarop Antwerpen na de breuk van 2022 met zijn stadsdichterschap omgaat. Weyden heeft in ieder geval bewezen dat een stadsdichter opnieuw kan bestaan zonder dat iemand op het stadhuis ieder gedicht eerst moet goedkeuren.
Praktisch
'Tussen talen: op zoek naar elkaar' – Red Star Line Museum, Antwerpen, van 20 november tot 11 april. Met een nieuw gedicht van Esohe Weyden, geïllustreerd door Dalilla Hermans.
Bundels van Esohe Weyden: 'Tussentaal' (2022), 'Richtingloos navigeren' (2025).
(Foto: Instagram)