Acteurs krijgen de affiches, maar iemand moet natuurlijk ook de wereld bouwen waarin ze rondlopen. De Belgische film Radioman is op het Alexandre Trauner Art/Film Festival in Hongarije bekroond voor zijn production design. Sanne Croonenberg en Florian Legters vielen in de prijzen voor hun reconstructie van het Brussel van 1940.
Cinema is de kunst om het publiek te laten geloven in iets wat niet bestaat. Een straat wordt een tijdperk, een kamer een karakter, een zorgvuldig gekozen lampenkap het bewijs dat we ons in een ander leven bevinden. Zodra de constructie zichtbaar wordt, verdwijnt de betovering. Het is precies daarom dat production design zo'n veeleisend filmvak is: het moet een wereld scheppen die niemand als decor ervaart.
Voor Radioman, de nieuwe film van Frank Van Passel, leverde dat werk internationale erkenning op. Op het Alexandre Trauner Art/Film Festival in het Hongaarse Szolnok werd de film bekroond voor zijn production design. De prijs bekroont het werk van Sanne Croonenberg en Florian Legters, die het Brussel van 1940 reconstrueerden met een aandacht voor historische details die de jury overtuigde.
Het is een discipline die essentieel is voor cinema, maar zelden de krantenkoppen haalt. Acteurs krijgen gezichten op affiches, regisseurs hun interviews en producenten hun budgetten. De mensen die de wereld bouwen waarin al die anderen kunnen functioneren, blijven doorgaans buiten beeld. Hun werk is geslaagd wanneer niemand er nog aan denkt.
Een stem in een wereld die op springen staat
In Radioman ontmoeten we Elza, gespeeld door Femke Vanhove, een jonge vrouw die droomt van een carrière als actrice, en Berre, vertolkt door Jef Hellemans, een beginnende klankman met een uitzonderlijk gehoor. Het is mei 1940. In het Brusselse Flageygebouw, het centrum van de Belgische radio, kruisen hun levens elkaar in de wereld van de hoorspelen, waar stemmen landschappen oproepen en geluiden een werkelijkheid suggereren die de luisteraar nooit te zien krijgt.
Buiten de radiostudio's schuift Europa richting de afgrond. Binnen wordt met stemmen, klanken en verbeelding een andere wereld gecreëerd. De radio is tegelijk een werkplek en een venster op een wereld die steeds dreigender wordt.
Het Flageygebouw is daarbij geen neutrale achtergrond. De architectuur, de studio's en de apparatuur vertellen iets over een tijd waarin radio nog een centrale plaats innam in het openbare leven, toen een stem uit een luidspreker een huiskamer kon vullen en nieuws uit de buitenwereld plotseling heel dichtbij bracht.
Een decor moet zwijgen om te kunnen spreken
Een historische film staat of valt met details die het publiek nauwelijks bewust registreert. Een verkeerde schakelaar, een te modern meubel of een materiaal dat niet bij het tijdperk past, kan de illusie beschadigen. De kijker voelt dat iets niet klopt, ook wanneer hij niet precies weet waarom.
Production designers moeten daarom balanceren tussen historische nauwkeurigheid en dramatische overtuigingskracht. Een filmdecor is geen reconstructie om de reconstructie. Het moet het verhaal dragen. Licht, kleur, meubilair en architectuur worden mee onderdeel van de film.
Bij Radioman komt daar nog iets bij. De wereld van de radio is in wezen onzichtbaar. Geluid ontstaat uit een microfoon, een stem krijgt betekenis door intonatie en een klankman probeert met technische middelen iets op te roepen dat de luisteraar uiteindelijk zelf in zijn hoofd voltooit.
Dat is het paradoxale vakmanschap van production design: alles moet tot in de puntjes worden bedacht om uiteindelijk vanzelfsprekend te lijken.
Het verleden is geen museumstuk
Een film die zich in 1940 afspeelt, kan gemakkelijk eindigen als een verzameling oude auto's, ouderwetse kleding en donkere interieurs. Historisch correct misschien, maar daarom nog niet geloofwaardig.
Een overtuigende reconstructie doet iets anders. Ze maakt het verleden opnieuw bewoonbaar. De ruimtes krijgen gebruikssporen, voorwerpen lijken daadwerkelijk gebruikt en alles moet tot dezelfde wereld behoren.
De bekroning van Radioman zet zo een filmvak in de schijnwerpers dat normaal juist niet mag opvallen. Niemand hoort zich tijdens de film af te vragen of die radiostudio wel echt is, of de meubels correct zijn en of iedere lamp in 1940 al bestond. Als de kijker gewoon naar Elza en Berre kijkt en vergeet dat iemand rondom hen een wereld heeft gebouwd, hebben Croonenberg en Legters hun werk goed gedaan.
En blijkbaar niet alleen volgens het publiek. In Hongarije hebben ze er nu ook een prijs voor gekregen.
(Foto: PD)