Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Hoeveel spijt moet een dirigent tonen voor hij in Bozar mag spelen?

Redactie - 27-10-2026

Op 24 november staat de Israëlische dirigent Lahav Shani in Bozar voor de Münchner Philharmoniker. Tegen die tijd zal Brussel bijna een jaar over hem hebben gediscussieerd zonder dat de man er één noot heeft gespeeld. Want de vraag gaat allang niet meer over hoe goed Shani dirigeert, maar over iets merkwaardigers: welke politieke verklaring moet een kunstenaar precies afleggen voordat hij welkom is op een podium?

Drie bestuursleden van Bozar stapten op, twee Franse schrijfsters zegden hun optreden af, Groen riep op tot een boycot en een reeks bekende Vlamingen vroeg in De Morgen om het concert te schrappen. Vorige week deed Shani vervolgens wat zijn critici al maanden van hem vroegen: hij sprak zich explicieter uit over Gaza, riep op om de Israëlische regering ter verantwoording te roepen en veroordeelde het geweld van kolonisten op de Westelijke Jordaanoever.

Maar ook dat bleek niet voldoende.

Voor sommige tegenstanders was het “nog maar een kruimel”.

En daarmee wordt de interessantste vraag stilaan niet meer wat Shani vindt van de Israëlische regering, maar hoeveel politieke boetedoening een dirigent precies verschuldigd is voordat hij een orkest mag dirigeren.

Van Gent naar Essen

Het begon in september 2025 in Gent. Het Festival van Vlaanderen schrapte een concert van Shani met hetzelfde Münchense orkest omdat er volgens de organisatoren “onvoldoende duidelijkheid” bestond over zijn houding tegenover wat ze “het genocidaire regime in Tel Aviv” noemden.

Shani is immers ook chef-dirigent van het Israel Philharmonic Orchestra. Het festival wilde niet samenwerken met partners die zich niet ondubbelzinnig van dat regime hadden gedistantieerd.

De beslissing kreeg internationaal meer weerklank dan Gent wellicht had verwacht. De Duitse cultuurminister Wolfram Weimer sprak van “puur antisemitisme”, de Münchner Philharmoniker verbrak de banden met het festival en premier Bart De Wever reisde demonstratief naar Essen om Shani daar te zien dirigeren. De Duitse kanselier Friedrich Merz bedankte hem daar vervolgens openlijk voor.

Vlaanderen stond plots internationaal op de culturele kaart. Alleen niet helemaal om de reden die Toerisme Vlaanderen doorgaans voor ogen heeft.

Bozar koos een andere weg. De gesprekken met het orkest liepen al sinds begin 2025 en na lang intern overleg besliste artistiek directeur Christophe Slagmuylder het concert te laten doorgaan.

Zijn redenering: Shani wordt elders niet geboycot, hij komt naar Brussel als dirigent van een Duits orkest en niet als vertegenwoordiger van de Israëlische staat, en hij schreef al in 2024 in de Süddeutsche Zeitung dat er “vrede moet en zal komen” tussen Israëli's en Palestijnen.

Wie van Shani een uitgebreidere politieke geloofsbelijdenis verlangt, moet volgens Slagmuylder consequent zijn en vergelijkbare eisen stellen aan andere kunstenaars.

En daar begint het debat interessant te worden.

Hoeveel woorden zijn voldoende?

De beslissing van Bozar kostte het cultuurhuis drie bestuursleden. Minister van Staat Jos Geysels (Groen) en Els Silvrants-Barclay stapten eind april op, acteur en filmmaker Mohamed Ouachen volgde in mei.

ACOD Cultuur liet weten niet te kunnen aanvaarden dat Bozar mensen programmeert die het conflict niet uitdrukkelijk veroordelen. In juli zegden de Franse schrijfsters Louisa Yousfi en Maboula Soumahoro hun gesprek in Bozar af op vraag van de boycotbeweging BDS.

Shani heeft zich ondertussen explicieter uitgesproken.

Hamas lanceerde de aanval van 7 oktober en is verantwoordelijk voor “het brutale bloedbad”, schreef hij. Maar, voegde hij eraan toe, “de slachtoffers van de oorlog die daarop volgde, zijn niet enkel Israëliërs”. Hij riep op om de Israëlische regering ter verantwoording te roepen en veroordeelde het geweld van kolonisten op de Westelijke Jordaanoever.

Netanyahu noemde hij niet bij naam. Het woord genocide gebruikte hij evenmin.

En dus blijft voor zijn tegenstanders de rekening openstaan.

Actrice Katrien De Ruysscher, een van de ondertekenaars van de oproep tegen het concert, vindt zijn verklaring onvoldoende en blijft vragen om de voorstelling te annuleren. Volgens de Hind Rajab Foundation benoemt Shani de misdaden nog altijd onvoldoende.

Maar wat moet hij dan wél schrijven?

Moet het woord “genocide” erin? Moet Netanyahu bij naam genoemd worden? Moet hij afstand nemen van zijn eigen orkest? Van zijn regering? Van zijn land? En wie beslist vervolgens of de verklaring voldoende oprecht en politiek correct geformuleerd is om Brahms te mogen dirigeren?

Daar begint een legitiem protest tegen het Israëlische beleid gevaarlijk dicht in de buurt te komen van een politieke toelatingsproef voor kunstenaars.

De politieke test

Shani heeft inmiddels meer over het beleid van zijn eigen land gezegd dan van de gemiddelde dirigent, acteur, schrijver of schilder wordt verlangd voordat hij in België een podium krijgt.

Een Amerikaanse dirigent moet zich hier doorgaans niet eerst verantwoorden voor de buitenlandse politiek van Washington. Een Chinese pianist krijgt voor zijn concert geen vragenlijst over de Oeigoeren toegestuurd. En van een Belgische kunstenaar wordt niet verwacht dat hij voor het applaus begint zijn standpunt over iedere beslissing van onze federale regering bekendmaakt.

Dat bewijst op zichzelf niet dat kritiek op Shani onterecht is. Hij staat als chef-dirigent van het Israel Philharmonic Orchestra dichter bij een belangrijke Israëlische culturele instelling dan een willekeurige Israëlische muzikant.

Maar precies daarom moet het criterium duidelijk zijn.

Wordt Shani beoordeeld op wat hij persoonlijk heeft gedaan en gezegd? Op de instelling waarvan hij chef-dirigent is? Of uiteindelijk toch vooral op het paspoort dat hij draagt?

Want zodra nationaliteit voldoende wordt om van een kunstenaar een politieke verklaring te eisen, wordt het behoorlijk moeilijk om uit te leggen waar die regel ophoudt.

Het sterkste argument van zijn tegenstanders

Daarmee is niet gezegd dat de tegenstanders van het concert geen serieus argument hebben.

Het Israel Philharmonic Orchestra is geen willekeurig ensemble. Het is een belangrijke culturele instelling van een land dat oorlog voert en cultuur kan, net als sport, ook een vorm van diplomatie en internationale uitstraling zijn.

Culturele boycots hebben bovendien historische precedenten. De culturele isolatie van het apartheidsregime in Zuid-Afrika is het bekendste voorbeeld.

En dan is er nog Valery Gergiev.

Uitgerekend de Münchner Philharmoniker ontsloeg in 2022 zijn toenmalige chef-dirigent omdat hij na de Russische invasie van Oekraïne weigerde afstand te nemen van Vladimir Poetin. Wie dat destijds een terechte beslissing vond, kan vandaag moeilijk beweren dat politiek en kunst principieel altijd volledig van elkaar gescheiden moeten blijven.

Alleen zit daar ook het cruciale verschil.

Gergiev was niet simpelweg een Rus die onvoldoende vaak vertelde dat hij Poetin niet aardig vond. Hij gold jarenlang als persoonlijke vriend en uitgesproken publieke steunpilaar van Poetin.

Shani heeft zich daarentegen al langer voor vrede uitgesproken en heeft inmiddels ook expliciet gezegd dat de Israëlische regering ter verantwoording moet worden geroepen en dat het geweld van kolonisten moet worden veroordeeld.

Je kunt zijn woorden onvoldoende vinden. Maar hem simpelweg naast Gergiev zetten omdat beiden afkomstig zijn uit een land dat oorlog voert, maakt uiteindelijk opnieuw nationaliteit belangrijker dan het persoonlijke gedrag van de kunstenaar.

 

 

Kunst met toelatingsexamen

Het merkwaardigste aan de hele affaire is daarom dat een kunstwereld die doorgaans bijzonder beducht is voor politieke inmenging in cultuur, nu zelf discussieert over de politieke voorwaarden waaraan een kunstenaar moet voldoen om te mogen optreden.

Groen vraagt een boycot. Bekende kunstenaars vragen om annulering. Bestuurders stappen op. De Wever reist demonstratief naar Duitsland om Shani juist wél te steunen.

Iedereen bedrijft ondertussen politiek rond de dirigent.

Behalve de dirigent zelf. Die wil op 24 november vooral de Münchner Philharmoniker dirigeren.

Waarschijnlijk zal er buiten Bozar worden betoogd. Dat mag uiteraard. Protesteren tegen Shani, tegen Israël, tegen Netanyahu of tegen Bozar is evenzeer een vorm van vrije meningsuiting als het besluit van Bozar om het concert te laten doorgaan.

Maar een cultuurhuis dat zijn podium pas opent nadat een kunstenaar voldoende afstand heeft genomen van zijn regering, betreedt gevaarlijk terrein. Niet omdat kunst apolitiek moet zijn, maar omdat iemand uiteindelijk moet bepalen welke politieke verklaring voldoende is.

Shani heeft zich uitgesproken voor vrede. Hij heeft de slachtoffers aan beide kanten benoemd. Hij wil de Israëlische regering ter verantwoording roepen. Hij heeft het geweld van kolonisten veroordeeld.

En toch is het antwoord: nog niet genoeg.

Misschien moeten zijn critici daarom stilaan zelf de eenvoudigste vraag beantwoorden.

Wat moet Lahav Shani precies zeggen voordat hij van hen weer dirigent mag zijn?

(Foto: YouTube)

Bozar Isra¨le Lahav shani Dirigent

Reacties

Resterende karakters 500

Lees meer

Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken