De man die alles zegt… behalve thuis.
Peter Van de Veire. De man die moeiteloos uren radio vult, woorden stapelt alsof het confetti is, verhalen serveert alsof hij ervoor geboren is. Op antenne: vlot, geestig, ontwapenend. Maar thuis?
De man die alles zegt… behalve thuis.
Hij wist het zelf ook. Dit klopte niet. Maar weten is één ding. Doen is iets anders.
Praten? Liever niet
Gevoelens verwoorden was voor hem geen automatisme. Eerder een soort mankement. Alsof er ergens een knop ontbrak.
Hij kon zich ergeren. Kon boos worden. Kon zich afsluiten.
Maar zeggen wat er scheelde? Dat bleef steken.
Tot iemand anders besliste dat het zo niet verder kon.
De vrouw die geen “nee” accepteerde
Zijn vrouw. Kinder- en jeugdpsychiater. Iemand die beroepshalve leeft van gesprekken, van woorden, van wat er onder de oppervlakte zit, kreeg thuis een man die niet praatte. En dat kon niet blijven duren. Op een bepaald moment werd het simpel. Geen discussies meer over óf er gepraat moest worden. Alleen nog wanneer. We gaan praten. Niet morgen. Niet ooit. Nu.
En hij? Hij sputterde tegen. Natuurlijk. Hij was haar patiënt niet, vond hij. Hij wilde dat onderscheid scherp houden. Maar tegelijk voelde hij iets anders. Dat het werkte. Dat praten, hoe ongemakkelijk ook, iets openbrak.
Tegen zijn natuur in
Het ging niet vanzelf. Het ging schoksgewijs. Met weerstand. Met momenten van koppigheid. Maar langzaam schoof er iets. Woorden kwamen. Eerst stroef. Dan iets makkelijker. Niet omdat hij plots veranderd was, maar omdat hij geen andere uitweg meer had. Want ergens, tussen de tegenzin en het toegeven, zat iets wat hij niet had verwacht:
De bekentenis achter de glimlach
Vandaag praat hij. Beter dan vroeger. Niet perfect, niet vanzelfsprekend, maar wel echt. Niet omdat hij dat altijd al wilde. Maar omdat iemand hem ertoe dwong. Praten of op de zetel slapen, kies maar.
En misschien is dat wel de grootste ironie: de man die leeft van woorden, moest ze thuis eerst leren gebruiken.
(Foto: Pieter-Jan Vanstockstraeten/Photo News)