Politici houden van eenvoudige verhalen: een slogan, een vijand en liefst een foto die alles bewijst. William Kentridge doet precies het tegenovergestelde. In Bozar toont de Zuid-Afrikaanse kunstenaar hoe macht en propaganda onze versie van de werkelijkheid proberen te bepalen.
Politici verkopen de werkelijkheid graag in hapklare brokken. Een slogan, een vijandbeeld, een zorgvuldig gekozen foto en klaar. De Zuid-Afrikaanse kunstenaar William Kentridge heeft een andere methode: hij tekent, gumt, herschrijft en laat zijn beelden voortdurend veranderen. Alsof hij wil zeggen dat wie beweert de enige juiste versie van de werkelijkheid in handen te hebben, doorgaans goed in de gaten moet worden gehouden.
Met I am not me, the horse is not mine haalt Bozar een omvangrijke tentoonstelling naar Brussel die meer dan vier decennia uit Kentridges carrière bestrijkt. Tekeningen, animatiefilms, sculpturen, installaties en video's komen er samen, met bijzondere aandacht voor zijn werk voor theater en opera.
Kentridge is bovendien de eerste Grand Invité van Bozar. Dat betekent dat hij niet alleen zijn eigen werk presenteert, maar ook mee vorm geeft aan het programma en samenwerkt met het Johannesburgse kunstenaarscollectief The Centre for the Less Good Idea.
Een potlood als politiek wapen
Kentridge werd in 1955 geboren in Johannesburg en begon zijn artistieke loopbaan tijdens de strijd tegen de apartheid. Die geschiedenis loopt als een rode draad door zijn werk. Hij onderzoekt hoe systemen mensen onderdrukken, hoe machthebbers hun versie van de geschiedenis verkopen en hoe propaganda iets wat vaak genoeg wordt herhaald uiteindelijk als waarheid kan laten klinken.
Zijn bekendste techniek is bedrieglijk eenvoudig. Kentridge maakt houtskooltekeningen, verandert ze, gumt delen uit, tekent opnieuw en fotografeert iedere tussenstap. Wanneer die beelden achter elkaar worden gezet, ontstaat een animatiefilm waarin je letterlijk kunt zien hoe een werkelijkheid wordt opgebouwd én weer veranderd.
Belangrijk daarbij is dat de vorige versie nooit helemaal verdwijnt. De sporen van het uitgummen blijven zichtbaar. Geschiedenis wordt bij Kentridge daardoor geen proper verhaal met een begin, een einde en achteraf iemand die beweert dat hij altijd aan de juiste kant stond.
Toch is het geen permanente politieke preek. Zijn werk zit ook vol absurdisme, humor en groteske beelden. Macht verschijnt als bureaucratie, vreemde machines, theatrale figuren en mensen die met grote overtuiging dingen doen waarvan je je als buitenstaander afvraagt hoe iemand ze ooit normaal heeft kunnen vinden.
Als onzin de werkelijkheid wordt
De titel I am not me, the horse is not mine verwijst naar een absurdistische uitspraak die Kentridge ontleent aan de wereld rond Nikolaj Gogols De neus. Daarin raakt de logica zoek, terwijl iedereen vrolijk blijft doen alsof alles volkomen normaal is.
Het verklaart waarom zijn werk vandaag opvallend actueel aanvoelt. Politieke communicatie draait steeds vaker om slogans, beelden en een verhaal dat in enkele seconden moet blijven hangen. Tegenstanders worden karikaturen en een ingewikkeld probleem heeft bij voorkeur één schuldige.
Kentridge doet precies het omgekeerde. Hij laat twijfel staan, toont de uitgegumde lijnen en weigert de werkelijkheid proper af te werken.
Geen kunst die netjes in één hokje past
Dat geldt ook voor zijn manier van werken. Kentridge beweegt al decennialang tussen tekenen, film, theater en opera en werkt geregeld samen met acteurs, muzikanten en andere kunstenaars. Bozar besteedt daarom niet alleen aandacht aan zijn tekeningen en films, maar ook aan zijn grote podiumproducties.
En misschien zit daar wel de interessantste gedachte van de tentoonstelling. Propaganda probeert alle ongewenste lijnen uit te gummen tot één helder verhaal overblijft. Kentridge gumt óók.
Alleen laat hij bewust zien waar de lijnen vroeger stonden.
(Foto: Bozar)