“Ik heb dit nog nooit aan de pers verteld.”
Koks hebben een probleem. Ze staan de hele dag tussen boter, room, sauzen en desserts waar zelfs een heilige voor zou bezwijken. Wie daar werkt zonder karakter, eindigt vroeg of laat met een extra band rond de taille. Of twee.
Ook Piet Huysentruyt weet daar alles van. De man die Vlaanderen leerde koken – en tegelijk liet zien hoe gevaarlijk lekker eten kan zijn – voert al zijn hele leven een soort boksmatch met de weegschaal. In Humo vertelt hij dat hij, alles samengeteld, vermoedelijk al een kleine honderd kilo is kwijtgeraakt. Niet in één keer, maar in een soort culinaire jojo.
Tien kilo eraf.
Twaalf kilo erbij.
Zeven kilo eraf.
En weer opnieuw.
Welkom in het leven van een chef.
Sporten tegen de verleiding
Vandaag staat de teller op 84 kilo. Niet slecht voor iemand van 1 meter 69 die ooit de 92 kilo aantikte. Het verschil? Discipline. En vooral: veel sporten.
Maar voor een levensgenieter is dat geen eenvoudige strijd. Huysentruyt is niet het type dat half werk levert.
Als hij dieet, doet hij het radicaal.
Als hij eet, ook.
De balans in het hoofd, zegt hij, blijft het moeilijkste onderdeel. Want een kok die niet graag eet, is ongeveer zo geloofwaardig als een cafébaas die geen pint lust.
De bekentenis
En dan komt de zin die even de lucht uit de kamer trekt.
Huysentruyt vertelt dat hij als jonge chef met een eetstoornis heeft geworsteld. Iets wat hij naar eigen zeggen nooit eerder aan de pers vertelde.
We spreken over de beginjaren van zijn carrière, toen hij in een tweesterrenkeuken werkte. De lat lag daar zo hoog dat zelfs zuurstof schaars werd. Stress was geen bijgerecht, maar het hoofdmenu.
Het resultaat: zijn lichaam sloeg tilt.
Leven op yoghurt
Eten lukte niet meer. Letterlijk.
Piet hield amper voedsel binnen en leefde een tijdlang bijna uitsluitend op potjes yoghurt. Tot zijn gewicht terugviel naar 57 kilo.
Voor een man die vandaag moet knokken om niet te zwaar te worden, klinkt dat bijna surrealistisch.
Maar één ding staat vast: koken mag dan een passie zijn, het blijft ook een vak waar de druk soms zo hoog ligt dat zelfs een chef eraan onderdoor kan gaan.
En dat, beste lezer, proef je niet in de saus.
(Foto: Stephanie Gouiran/Photo News/Photo News)