Of hoe je als politicus eerst de straat onveilig maakt en daarna je privacy opeist. Hij waggelde, hij mompelde, hij was duidelijk niet bezig met de begroting van Sint-Truiden en iemand drukte op ‘record’. Een week later duikt Ludwig Vandenhove, burgemeester en boegbeeld van Vooruit in het landelijke Sint-Truiden, weer op. Niet met excuses, wel met een klacht. Want volgens Ludwig had híj geen fout gemaakt behalve dan dat hij “iets doms” had gedaan. En dom, dat is in dit geval blijkbaar: in het openbaar dronken zijn én betrapt worden.
De burgemeester, die zichtbaar diep in het glas had gekeken, wil nu dat justitie onderzoekt wie hem gefilmd heeft. Niet waarom hij wankelend door de stad strompelde, maar wíé dat durfde vastleggen. “Mensen filmen in kwetsbare omstandigheden, dat hoort niet thuis in een fatsoenlijke samenleving,” aldus Ludwig. Dezelfde Ludwig wiens partijgenoten doorgaans voorstander zijn van méér camera’s op straat, niet minder.
De burgemeester die van camera’s houdt… behalve als ze op hem gericht staan
De ironie kon moeilijk groter zijn. Terwijl zijn eigen partij vrolijk investeert in ANPR-camera’s, slimme sensoren en privacy-beperkende regels “voor onze veiligheid”, wil Ludwig Vandenhove nu plots dat camera’s verboden worden. Althans, als ze hem betrappen met een paar pinten te veel op.
In een gesprek met HLN beweert hij dat hij “zijn lesje geleerd” heeft. Voortaan gaat hij minder “hangen” en “meer thuis werken”. Dat wordt naar eigen zeggen “moeilijk”, want de man leeft voor de sociale babbels, de pintjes en de cafés. Of met zijn woorden: “Dat sociale contact hoort bij wie ik ben.” Wat hij níét zei: dat sociale contact hoort bij wie hij was, tot iemand het filmde.
Slachtoffer van de openbaarheid
De burgemeester bekent: hij had “twee à drie slapeloze nachten”. Niet van schaamte, wel van het idee dat hij gefilmd is. Want volgens hem gaat de klacht niet over de feiten zelf, maar over het filmen. Wie goed luistert, hoort de boodschap: niet ik heb iets fout gedaan, iemand anders heeft dat zichtbaar gemaakt.
Een theorie die ook bij sommigen in de Wetstraat al te horen is: “Waarschijnlijk iemand van extreemrechts!” Want uiteraard is er geen groter gevaar voor de democratie dan een nuchtere rechtse burger met een smartphone.
De burgemeester als martelaar
Zoals dat hoort bij politici van de oude stempel, besluit Vandenhove zijn publieke biecht met een portie nederigheid en een vleug zelfverheerlijking. Hij heeft “veel geleerd”, hij “wil het vertrouwen herwinnen”, en hij “blijft werken voor Sint-Truiden”. Want niets zegt dienstbaarheid zoals jezelf tot slachtoffer uitroepen van je eigen dronkenschap.
De inwoners van Sint-Truiden mogen intussen gerust zijn: hun burgemeester blijft vastberaden aan de slag, allicht met iets meer water tussen de pintjes. Begrijp ons niet verkeerd: voor ons part zuipt Ludwig zich iedere dag pot en darm, om vervolgens Sint-Truiden door te strompelen. Maar dan moet-ie achteraf niet komen klagen dat iemand hem op beeld weet vast te leggen, met volgezeken broek en al. Want niks ‘kwetsbare omstandigheden’: hij heeft die pinten nondedju zélf door zijn keelgat gegoten.