Wout van Aert keert voor het eerst sinds 2021 terug naar de Strade Bianche, een koers die hem nauw aan het hart ligt. En dat terwijl Tadej Pogacar als absolute topfavoriet op recordjacht gaat op de Toscaanse grindwegen.
De Strade Bianche is voor Wout van Aert geen gewone koers. Het is ook de plek waar zijn carrière op de weg eigenlijk begon, en waar hij al twee keer herrezen is. Maar aan de start in Siena stond de Herentalseman zaterdag met de nodige twijfels. "Er zijn altijd vraagtekens bij het begin van het seizoen, maar door mijn blessure en ziekte zijn die net iets meer aanwezig dan anders."
Toch was hij helder over wat hem te wachten staat. "Ik verwacht dat UAE het snel in handen zal nemen. De deur zal eerst openstaan en daarna zullen alleen de sterksten kunnen volgen. Het is een moeilijke koers om een tactisch plannetje te hebben."
Aan de overkant van het startpodium stond Tadej Pogacar, die zijn zevende deelname aan de Strade Bianche aanvat. Bij zijn laatste drie startte hij als topfavoriet — en won hij telkens. Eén zege erbij en hij is solo recordhouder, de Fabian Cancellara voorbij. "De koers zal openbreken op of rond de Monte Sante Marie", aldus de wereldkampioen. "Ik denk dat Wout klaar is om mee te dingen naar de zege."
Het parcours is dit jaar twintig kilometer korter en telt minder grindkilometers. Pogacar liet zich niet van zijn stuk brengen: "Deze wijzigingen zullen weinig verschil maken." Voor de Belgische renners — Van Aert, Lennert Van Eetvelt, Emiel Verstrynge en Quinten Hermans — blijft de top tien de realistische ambitie.
Tom Pidcock klonk strijdvaardig: "Ik ben er klaar voor. Het is altijd leuk als het zonnetje schijnt. Het stof maakt de race nog spectaculairder."
Een prachtig decor, een recordjacht en een Van Aert die zijn seizoen wil lanceren op zijn koers. De grindwegen van Toscane liegen niet.