De bitcoin heeft weer een mijlpaal bereikt, althans… als je het in dollar bekijkt en terwijl je even vergeet dat je in de eurozone woont.
De cryptomunt tikte deze week voor het eerst in z’n bestaan de 122.246 dollar aan. Da’s omgerekend een kleine 104.000 euro, oftewel net geen kleine studio in Vlaanderen.
De stijging komt niet alleen door economische onzekerheid en inflatiepaniek, maar ook doordat president Trump bitcoin nu openlijk omarmt als de nieuwe Amerikaanse droom.
Trump wil van de VS namelijk de ‘cryptohoofdstad van de wereld’ maken, een soort Las Vegas voor digitale gokkers maar dan met belastingvoordelen.
Hij schafte alvast wat regels af, liet een presidentieel decreet ondertekenen dat een “strategische cryptovoorraad” opricht (zoals olie maar dan ongrijpbaar), en maakte er ondertussen zijn dagelijkse hobby van om de centrale bank te terroriseren via X.
De markt? Die reageert euforisch. Amerikanen springen op de bitcoin als Gentenaren op kerstbomen. Maar Europeanen? Die kijken sip toe hoe de bitcoin hun record uit januari (106.000 euro) niet weet te overtreffen. Alles lijkt duurder, behalve onze euro.
Volgens experts zijn het niet alleen de grootbanken en pensioenfondsen die op de bitcoinkar springen, ook duizenden bedrijven kopen gretig bij.
ETF’s (Exchange-Traded Fund) maken instappen bovendien net zo makkelijk als een pizzabestelling online.
Toch een kleine waarschuwing. Eén uitschuiver van Trump — een ondoordachte tweet, een uithaal naar de Fed, of een nieuwe invoerheffing op Duitse kurkentrekkers — en de bitcoin kan weer even kopje onder.
Maar hé, dat is nu net de charme van crypto: het is net als daten met een narcist. Spannend, maar emotioneel rampzalig.