Een uitzondering op de vele uitzonderingen, is geen uitzondering.
Politici proberen hun methode van de botte bijl te serveren als hervormingen en ‘activering’. Maar voor veel oudere werklozen is het een koude douche, om vervolgens de snelweg te nemen richting armoede. De nieuwste federale maatregel – waarbij werkloosheidsuitkeringen na twee jaar gewoon verdampen – dreigt voor maar liefst 82 procent van de 55-plussers een ramp van formaat te worden. Wie niet voldoet aan de nieuwe spelregels, krijgt geen uitkering meer. Punt. Voor velen komt dat neer op een sociale afgrond met het OCMW als enige vangnet. En zelfs dat is niet eens zeker.
Wat zit er nu écht achter deze hervorming? Wie wordt het hardst geraakt? En is er nog ontsnapping mogelijk voor wie al jaren buiten het arbeidsritme leeft? Wij doken in de kafkaiaanse kronkels van dit dossier, zodat u zich straks niet verslikt in uw RVA-beslissing.
Twee jaar werkloos? Game over. Behalve als je geluk hebt.
De klok tikt voor iedereen die al een tijdje aan de kant staat. Vanaf 1 januari 2026 gaat het mes in langdurige werkloosheidsuitkeringen. In fases: wie meer dan 20 jaar werkloos is, vliegt er als eerste uit. Daarna volgt de groep van meer dan 8 jaar werkloos, en vervolgens de mensen die tussen 2 en 8 jaar zonder werk zitten.
Op papier lijkt het simpel, maar zoals altijd zit de duivel in de details. De regering bouwde een paar uitzonderingen in – voor onder meer 55-plussers – maar die blijken bij nader inzien meer op een wirwar van regels dan op een sociaal vangnet.
55 jaar en werkloos? 30 jaar gewerkt of pech gehad
Voor oudere werkzoekenden geldt: wie minstens 30 jaar gewerkt heeft, mag zijn uitkering houden. Zo niet? Pech gehad. Daarin worden ook tijdelijke werkloosheid, ziekte en zelfs vrijwillig deeltijds werk meegeteld. Maar let op: deeltijds werken betekent een lagere uitkering, tenzij je een zogeheten gelijkstelling hebt aangevraagd. En dat is nu net waar het misloopt.
Die gelijkstelling – bedoeld om deeltijdse werkers niet te benadelen – verandert in deze nieuwe context plots in een boemerang. Als je deeltijd werkte, maar gelijkgesteld werd met een voltijdse functie, kijkt de RVA plots of je écht 30 jaar voltijds werkte. Wie daar niet aan komt, vliegt alsnog uit de uitzondering en dus uit het systeem.
Vooral vrouwen zijn het slachtoffer
De nieuwe maatregel lijkt blind te zijn voor maatschappelijke realiteit. Vrouwen die jaren thuis bleven voor de zorg van kinderen of familie – vaak onbetaald maar wel essentieel werk – dreigen het hardst te worden geraakt. Geen 30 jaar betaalde arbeid? Dan geen uitkering meer. Zelfs als je vier decennia lang mee de maatschappij draaiend hield.
En ja, zwangerschapsverlof en ouderschapsverlof tellen wél mee. Maar wie tien jaar thuis zat voor de zorg van kinderen buiten een officieel statuut, moet in de resterende 45 jaar van haar leven dus 30 jaar gewerkt hebben. Reken maar zelf uit: dan had je best op je 15e al aan de band gestaan.
Vakbonden en oppositie spreken van een brutale uitholling van de sociale zekerheid, gericht op net die mensen die het minst weerbaar zijn. Een beleid dat vooral lijkt te mikken op Excel-tabellen, niet op mensenlevens.
OCMW als laatste strohalm – maar ook dat is geen zekerheid
Wie straks zonder uitkering valt, mag zich melden bij het OCMW voor een leefloon. Maar ook daar geldt: niet iedereen komt in aanmerking. Heb je een huis? Spaarrekening? Partner met inkomen? Dan kom je mogelijk van een kale reis terug.
Het OCMW hanteert een batterij aan criteria om te bepalen of je écht behoeftig bent. In de praktijk betekent dat: lange wachttijden, strenge onderzoeken, én mogelijk slechts een minimale tegemoetkoming. De boodschap is duidelijk: de mazen van het sociaal vangnet worden groter. Wie er door valt, mag hopen op een zachte landing. Of op familie.
Weet jij nog hoeveel je écht gewerkt hebt?
Voor wie het allemaal niet meer weet – logisch na tientallen jaren jobs, bijberoepen en pauzes – is er mycareer.be, de online tool van de RSZ die je hele loopbaan in kaart brengt. Daar zie je of je die fameuze 30 jaar haalt. Twijfel je nog? Dan kan je terecht bij de RVA – al zijn ook daar de wachttijden berucht.
Let op: de maatregel is op het moment van schrijven nog niet definitief goedgekeurd. De Kamercommissie Sociale Zaken gaf al groen licht in eerste lezing, maar er volgt nog een tweede ronde én een stemming in de plenaire Kamer. Intussen ligt het dossier politiek zwaar op de maag, want het wordt gekoppeld aan de meerwaardebelasting, die op haar beurt opnieuw zorgt voor gespannen gezichten aan de onderhandelingstafel.