In het recent geopende detentiehuis in Olen is politieke onrust ontstaan na een positieve drugstest op THC bij een gedetineerde. Dit gegeven roept vragen op over het gevoerde drugsbeleid binnen deze instelling.
In het detentiehuis van Olen, dat pas vorige maand zijn deuren opende, heerst onrust na de vondst van THC-sporen bij een van de vijftien bewoners. Burgemeester Kris Gebruers (CD&V) bevestigde dit tijdens de gemeenteraad, wat tot politieke discussies leidde.
Het detentiehuis, dat de afgelopen twee jaar regelmatig onderwerp van gesprek was tijdens de gemeenteraad, heeft een recent akkoord gesloten met de lokale politie over de operationele werking. Tijdens deze bijeenkomst bracht Bart Van Opstal (Vlaams Belang) de drugsvondst ter sprake, waarop de burgemeester reageerde dat er geen drugs waren gevonden, maar wel dat een gedetineerde positief testte op THC, een indicatie van cannabisgebruik. Dit zou echter voor de komst naar het detentiehuis kunnen hebben plaatsgevonden, gezien THC tot drie weken na gebruik detecteerbaar blijft.
Deze ontdekking roept vragen op over het drugsbeleid binnen het detentiehuis, waar in principe een nultolerantie geldt zoals in Kortrijk. Volgens lokale N-VA-raadslid Dag Pas is het cruciaal dat Olen geen losser drugsbeleid gaat voeren. De betrokkene blijft nu twee weken langer onder observatie en mag voorlopig het detentiehuis niet verlaten. Dit incident onderstreept de voortdurende uitdagingen in het handhaven van strikte drugsregels binnen penitentiaire instellingen.