Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

25 miljard euro bedrijfssteun: het best bewaarde begrotingsgeheim van België

Redactie - 30-10-2025

“Misschien moet de regering eens beginnen besparen waar er geld over is — in plaats van waar het al lang op is.”

Terwijl de federale regering zich krom zoekt naar 10 miljard euro om de begroting te redden, ligt er elders een pot geld van 25 miljard euro — netjes verpakt in het etiket “bedrijfssteun”. Geld dat jaarlijks naar ondernemingen vloeit in de vorm van subsidies, kortingen en compensaties. En opvallend: daarover hoor je zelden iets. Geen debat, geen politieke storm. Komaan jongens, we gaan toch niet neuten over het feit dat bedrijven recht hebben op staatssteun, in tijden van structurele tekorten. Toch?

Het is de Nationale Bank herself die laat weten dat zo’n bedrijfssteun geen vanzelfsprekendheid meer is. In haar jongste rapport  stelt ze het onomwonden: “Een kritische evaluatie van het subsidiebeleid moet deel uitmaken van de gezondmaking van de overheidsfinanciën.” Vrij vertaald: wie vandaag op zoek is naar miljarden, hoeft niet alleen te kijken naar de zieke of de werkloze — maar ook naar de boardrooms van de bedrijven die elk jaar miljarden aan belastinggeld ontvangen.

25 miljard euro aan steun: een stille geldstroom

In 2024 ontvingen Belgische bedrijven samen 25 miljard euro aan overheidssteun — goed voor 4,1 procent van het bruto binnenlands product. Of concreter: van elke 100 euro die in België geproduceerd wordt, is er 4 euro afkomstig van publieke middelen. In 2000 was dat amper 1,6 procent. De steun is dus meer dan verdubbeld in twee decennia.

Het rapport van de Nationale Bank legt de vinger op de zere plek: België subsidieert zijn bedrijven gul, structureel en vaak zonder duidelijke evaluatie van het rendement. Toch is het niet zo eenvoudig als “snijden en klaar”, zeggen economen.

“We snijden in ons eigen vel”

Gert Peersman (UGent) bevestigt in ‘Het Laatste Nieuws’ dat er ruimte is om te besparen, maar waarschuwt tegelijk: “Het grootste deel van die subsidies zit op regionaal niveau, terwijl de federale regering het geld tekortkomt. Vlaanderen en Wallonië zouden dus moeten inleveren om Brussel te redden — politiek gezien een onwaarschijnlijk scenario.”

Daarnaast zijn veel subsidies eigenlijk geen klassieke steunmaatregelen, legt econoom Geert Noels uit. “Twee derde ervan compenseert gewoon onze te hoge loonkosten. Het zijn correctiemechanismen die ervoor zorgen dat bedrijven in België niet massaal vertrekken naar goedkopere buurlanden. Als je dat wegneemt, verdwijnen niet alleen bedrijven, maar ook jobs — en dus belastinginkomsten. We zouden in ons eigen vel snijden.” Nu ja, elders wordt er minder gejankt als er gesneden wordt.

 

Waar het wél pijnloos kan

Niet elke subsidie zou heilig zijn. Peersman pleit voor een “fijne kam” die door het subsidiesysteem moet gaan. Want niet elke euro publieke steun creëert economische meerwaarde.

Zo wijst hij naar de dienstencheques, die in 2024 goed waren voor 1,56 miljard euro aan overheidsbijdragen. “De werkelijke kostprijs van een poetsuur is dertig euro. De consument betaalt tien euro, de overheid legt de rest bij. De vraag is: moeten we dat blijven doen? Zeker nu we besparen op pensioenen en gezondheidszorg?”

Ook cultuur, goed voor bijna een half miljard euro aan steun, is volgens Peersman niet immuun voor herziening. “Is het logisch dat de overheid onze theaterbezoeken blijft financieren, terwijl het begrotingstekort uit de hand loopt? Misschien wordt het tijd om te vragen: wie iets wil, betaalt het zelf.” Cultuurbarbarisme 2.0?

Noels nuanceert opnieuw: “De dienstencheques hebben wel iets opgelost. Ze hebben duizenden mensen uit het zwarte circuit gehaald. Als je de steun weghaalt, duw je ze weer terug de illegaliteit in. Dat zou een stap achteruit zijn.” Over cultuur daarentegen?

De onbespreekbare pot geld

Het opmerkelijke is niet alleen het bedrag — 25 miljard euro — maar vooral het stilzwijgen errond. Terwijl politici de voorbije maanden moord en brand schreeuwden over de kost van langdurig zieken of het beperken van uitkeringen, bleef deze massale geldstroom richting bedrijven grotendeels buiten schot.

Nochtans, zo stelt de Nationale Bank, zou hier “zonder grote structurele schade” bespaard kunnen worden. Niet overal, maar zeker in sectoren waar de subsidie geen aantoonbaar maatschappelijk nut heeft of de markt niet versterkt, maar afhankelijk maakt.

Structurele keuzes, structurele stilte

De echte vraag is dus niet of er kan bespaard worden — maar waarom het niet gebeurt. Want geld is er. Alleen zit het op plaatsen waar politieke partijen liever niet in knippen: bij bedrijven, aandeelhouders en sectoren die goed zijn voor lobbykracht en werkgelegenheidscijfers.

En zo blijft de begrotingslogica van België pijnlijk voorspelbaar: de lasten drukken we op de schouders van wie afhankelijk is, terwijl de steun richting bedrijven een vanzelfsprekendheid blijft.

Of zoals een cynische lezer van Het Laatste Nieuws het online samenvatte:
“Misschien moet de regering eens beginnen besparen waar er geld over is — in plaats van waar het al lang op is.”

(Foto: Pixabay)

Overheidssteun Belgische begroting Nieuws nationaal

Reacties

Resterende karakters 500

Lees meer

Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken