Nooit eerder was wraak zo catastrofaal.
Tien maanden na de aanval van Hamas en het daaropvolgende militaire antwoord van Israël is Gaza niet alleen een slagveld, maar ook het epicentrum van een ongeziene humanitaire ramp. De cijfers die uit de regio blijven binnenkomen schetsen een beeld van een volledig ingestorte samenleving. Meer dan 60.000 doden, een bevolking op de vlucht, infrastructuur gereduceerd tot puin, en een hongercrisis die alle alarmbellen doet afgaan.
Het conflict begon met terreur, maar mondde uit in totale destructie
Op 7 oktober 2023 pleegde Hamas een gecoördineerde aanval op Israël waarbij ruim 1.200 doden vielen. 255 mensen werden ontvoerd naar Gaza; naar schatting 50 gijzelaars zijn vandaag nog in leven, hoewel de precieze toestand onduidelijk blijft.
Israëls militaire reactie op de aanval — eerst luchtbombardementen, daarna een grondoffensief — heeft Gaza sindsdien veranderd in een humanitair niemandsland. Volgens OCHA, het humanitair bureau van de Verenigde Naties, ligt het dodental in Gaza inmiddels boven de 60.000. Bijna een derde van die slachtoffers zijn kinderen.
Onderwijs, gezondheid en voedselvoorziening ingestort
Meer dan 658.000 schoolgaande kinderen hebben geen toegang meer tot onderwijs. 90 procent van de bevolking is ontheemd. Gezondheidsdiensten functioneren nog amper: slechts de helft van de ziekenhuizen is nog gedeeltelijk operationeel, terwijl meer dan 500.000 vrouwen op vruchtbare leeftijd essentiële zorg mislopen.
De voedselzekerheid is ondertussen dramatisch verslechterd. Volgens het Integrated Food Security Phase Classification-systeem (IPC) leven ruim 469.000 mensen in Gaza — 22 procent van de bevolking — met extreem voedseltekort. Tussen april en juli werden 20.000 kinderen opgenomen met acute ondervoeding, waarvan meer dan 3.000 in levensgevaarlijke toestand.
De situatie onder zwangere en borstvoedende vrouwen is al even precair: 40 procent kampt met ondervoeding (cijfers IPC, juni 2025).
Water, hygiëne en landbouw: ook de basisvoorzieningen zijn ingestort
96 procent van de huishoudens in Gaza heeft geen stabiele toegang meer tot drinkbaar water. 90 procent meldt een verslechtering van de waterkwaliteit en -voorziening. De WHO waarschuwt voor een toename van besmettelijke ziektes als gevolg van het gebrek aan sanitair en proper water.
Ook de landbouw is zo goed als volledig lamgelegd. Slechts 4,6 procent van de landbouwoppervlakte is nog bruikbaar. Meer dan 80 procent is fysiek beschadigd en ruim drie kwart is ontoegankelijk door evacuatiezones en militaire operaties (gegevens van de FAO).
Infrastructuur op ongekende schaal vernield
Satellietbeelden van de VN (UNOSAT) bevestigen de omvang van de verwoesting: 70 procent van de infrastructuur in Gaza is beschadigd of vernietigd. Dat betekent onder meer dat meer dan 258.000 wooneenheden niet meer bewoonbaar zijn.
De systematische sloop van gebouwen, inclusief ziekenhuizen, scholen en openbare diensten, is sinds het afspringen van het eerdere staakt-het-vuren in maart 2025 in een stroomversnelling geraakt.
VN: “De nachtmerrie is niet hypothetisch, ze is reëel”
Op 29 juli 2025 waarschuwde de IPC dat Gaza zich “in het slechtst denkbare scenario van hongersnood” bevindt. António Guterres, de VN-secretaris-generaal, spreekt in een officiële verklaring van een “humanitaire catastrofe van epische proporties”.
Zijn woorden zijn helder: “De feiten zijn onmiskenbaar. Palestijnen in Gaza bevinden zich midden in een humanitaire ineenstorting. Dit is geen waarschuwing meer. Het is de realiteit die zich in real time voltrekt.”
Guterres roept op tot een onmiddellijke stopzetting van het geweld en een massale internationale inspanning om het tij te keren: “De nachtmerrie moet eindigen. Het slechtste scenario vergt nu het allerbeste van alle betrokken partijen.”