Logo P-magazine Regio Zoeken Rubrieken

Wie nu nog geen kot heeft, zal er geen vinden, of zich blauw betalen

Redactie - 26-08-2025

Studenten betalen steeds meer voor steeds minder: kotenmarkt kreunt onder structurele tekorten.

De zoektocht naar een betaalbare studentenkamer is in Vlaanderen en Brussel uitgegroeid tot een structureel probleem. Waar ouders en studenten vroeger met enig geduld nog een kot konden vinden binnen een realistisch budget, botsen ze vandaag op een markt die alsmaar krapper wordt en waarin zelfs torenhoge huurprijzen geen garantie meer bieden op degelijke huisvesting.

Brussel als pijnpunt

Vooral Brussel illustreert de ernst van de situatie. Met zijn 137.000 studenten, verspreid over universiteiten en hogescholen, kampt de hoofdstad met een schreeuwend tekort aan beschikbare kamers. Officieel zijn er slechts 15.000 erkende studentenkamers, terwijl een aanzienlijk deel van de studenten — naar schatting 20.000 tot 30.000 — uitwijkt naar de reguliere woningmarkt. Dit plaatst studenten rechtstreeks in concurrentie met jonge gezinnen en alleenstaanden, waardoor de prijzen ook daar blijven stijgen.

De Brusselse regelgeving versterkt het probleem.

Studentenkamers moeten er voldoen aan strenge normen: minstens 22 vierkante meter, inclusief eigen sanitair. Die regels, ingevoerd om huisjesmelkerij te bestrijden, maken het vrijwel onmogelijk om nog betaalbare basiskamers te bouwen. Afwijkingen zijn theoretisch mogelijk, maar de procedures zijn complex en de bouwkosten in de hoofdstad liggen fors hoger dan in andere studentensteden. Het gevolg is dat investeerders terughoudend blijven en studenten steeds vaker noodgedwongen overstappen naar gedeelde appartementen of kamers van bedenkelijke kwaliteit.

Krapte ook in de rest van Vlaanderen

Ook in Gent en Leuven, waar de vraag naar studentenhuisvesting hoog blijft, groeit de spanning. In Gent telt men duizenden studenten die terechtkomen in zogenaamde ‘verdoken koten’ op de reguliere huurmarkt. Dat zet de druk op de woonmarkt voor gezinnen nog verder op scherp. De stad probeert via maatregelen zoals een kotbelasting en strengere reglementen leegstaande woningen opnieuw beschikbaar te maken, maar de effecten daarvan blijven voorlopig beperkt.

Leuven en Hasselt kennen een iets gunstiger situatie. Daar zijn nog enkele honderden kamers beschikbaar, al gaat het vaak om duurdere kamers in het hogere segment. Bovendien temperen steden zoals Leuven tijdelijk hun bouwplannen. Dankzij eerdere investeringen is er in de komende jaren voldoende aanbod in de pijplijn, waardoor de prioriteit verschuift naar het vrijmaken van woonruimte voor inwoners.

Structureel tekort blijft groot

Uit het Kotkompas, een jaarlijkse marktanalyse door Stadim en Diggit Studentlife, blijkt dat Vlaanderen tegen 2030 nood heeft aan 95.000 extra studentenkamers. Sinds 2020 zijn er weliswaar 25.000 bijkomende koten bijgebouwd of gepland, maar het tekort blijft met circa 70.000 kamers enorm. Het probleem is bovendien ongelijk verspreid: waar steden als Leuven en Hasselt een buffer hebben opgebouwd, blijven Brussel en Gent achterop hinken.

Vooruitzichten

Universiteiten proberen de kloof deels zelf te dichten. Zo werkt de UGent aan een masterplan studentenhuisvesting waarmee het aanbod in drie jaar tijd moet groeien met 1.700 kamers, oplopend tot 6.000 kamers in eigen beheer op langere termijn. Brussel daarentegen lijkt gevangen te blijven in een knoop van dure bouwgrond, logge regelgeving en een groeiende studentenpopulatie.

Het resultaat is een markt waarin studenten alsmaar hogere prijzen betalen voor alsmaar kleinere of slechtere woonruimtes. Ouders zien de budgetten ontsporen en de kloof te tussen wie zich een kot kan veroorloven en wie gedwongen wordt om dagelijks te pendelen wordt alleen maar groter.

(Foto: Shutterstock)

Studentenkot Nieuws nationaal

Reacties

Resterende karakters 500

Lees meer

Nieuwsbrief Mis nooit meer het laatste nieuws, exclusieve aanbiedingen en boeiende verhalen van P-magazine! Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.
Zoeken